Het Gerechtshof Den Haag heeft onlangs uitspraak gedaan over de vraag of een vordering uit de nalatenschap met een quasi-wettelijke verdeling al kon worden vastgesteld.

Appellanten verzoeken het hof de vorderingen uit hoofde van de nalatenschap van moeder vast te stellen met inachtneming van de bepalingen in het testament en daartoe alles te doen wat het hof nuttig en nodig acht om tot een juiste vaststelling van die vorderingen te komen

Erfrecht. Verdeling van een nalatenschap. Verdeling van huwelijksgemeenschap erflaters. Quasi-wettelijke verdeling. Kan de vordering uit de nalatenschap al worden vastgesteld?

De rechter oordeelt als volgt.

Uit het testament van moeder volgt dat de wettelijke verdeling niet van toepassing is.

Als gevolg van haar testament moet worden verdeeld de voormalige huwelijksgemeenschap van moeder en vader en vervolgens moet worden vastgesteld wat tot de nalatenschap van moeder behoort.

Uit de gewisselde processtukken volgt dat partijen geen overeenstemming hebben bereikt over de omvang en samenstelling van de huwelijksgemeenschap en als gevolg daarvan ook geen overeenstemming hebben bereikt met betrekking tot de omvang en samenstelling van de nalatenschap van moeder.

Partijen verschillen aanzienlijk van mening met betrekking tot de waardering van de diverse vermogensbestanddelen die tot de huwelijksgemeenschap van moeder en vader behoorden.

Uit de notariële akte van 2023, verleden voor notaris mr. A, volgt niet dat de huwelijksgemeenschap van moeder en vader is verdeeld, noch volgt daaruit dat de nalatenschap van moeder is verdeeld.

Op basis van het testament van moeder had vader als afwikkelingsbewindvoerder met betrekking tot de afwikkeling van de nalatenschap van moeder een grote mate van vrijheid, dus ook zonder medewerking van de mede-erfgenamen.

Voorts impliceert de quasi-wettelijke verdeling dat in beginsel de gehele nalatenschap van moeder aan vader wordt toegedeeld (en de kinderen op grond van de verdeling een vordering in geld ten laste van vader krijgen berekend in het saldo van de nalatenschap).

Echter het hof is van oordeel dat vader op basis van het testament van moeder niet de vrijheid had om naar eigen goeddunken de waarde te bepalen van de activa die tot de huwelijksgoederengemeenschap van moeder en vader behoorden en als gevolg daarvan zelfstandig de waarde kon bepalen van de activa die mogelijk behoorden tot de nalatenschap van moeder.

Het feit dat moeder in haar testament had bepaald dat vader bij het einde van het afwikkelingsbewind rekening en verantwoording dient af te leggen bij de notariële verdeling doet daaraan niet af.

Uit hetgeen het hof hiervoor heeft overwogen volgt dus dat de huwelijksgoederengemeenschap van moeder en vader niet is verdeeld en dus ook niet de nalatenschap van moeder qua omvang en samenstelling kan worden vastgesteld.

Het hof kan dus niet vaststellen wat de mogelijke vordering van appellanten is op vader in de nalatenschap van moeder.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat kindsdeel over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat kindsdeel op 020-3980150.

Wilt u meer weten over het kindsdeel, bezoek dan onze website over het kindsdeel. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.