Van onze advocaat kindsdeel. Op 29 maart 2017 heeft de Rechtbank Noord-Nederland uitspraak gedaan over het inzagerecht van een verrekenbeding ter vaststelling van de grootte van een kindsdeel in een erfenis.

De advocaat van de kinderen legt het volgende aan de vordering ten grondslag. Nu erflaatster en echtgenoot tijdens het huwelijk geen uitvoering hebben gegeven aan het verrekenbeding in de huwelijkse voorwaarden, dient er alsnog op grond van artikel 1:141 BW tussen partijen verrekend te worden.

Inzagerecht ter bepaling van het kindsdeel

Volgens de advocaat van de kinderen ontbreekt er nog steeds een correcte boedelbeschrijving en een opgave van de persoonlijke bezittingen van erflaatster. Het is dus nog steeds niet duidelijk of en hoeveel vermogen onder de werking van het wederkerige verrekenbeding valt en hoe groot uiteindelijk het kindsdeel zou zijn. De schenkingen aan de (klein)kinderen zijn uit het privévermogen van erflaatster gedaan en komen daarom in elk geval niet voor verrekening in aanmerking.

Verder stelt de advocaat van de kinderen dat echtgenoot ten onrechte een bedrag van € 35.887,- aan de nalatenschap heeft onttrokken. Genoemd bedrag heeft betrekking op belasting wegens het aan echtgenoot toegekende legaat en dient derhalve voor zijn rekening te komen. Voorts vordert de advocaat van de kinderen een bedrag van € 93.939,- ter zake van de beleggingsportefeuille van erflaatster, waarover onduidelijk bestaat nu steeds geen rekening en verantwoording is afgelegd.

De rechtbank oordeelt hierover als volgt. De echtgenoot is, zoals hij ook erkend heeft, in zijn hoedanigheid van executeur gehouden tot het verstrekken van informatie over de nalatenschap (artikel 4:148 BW) en tot het afleggen van rekening over het door hem over de nalatenschap gevoerde beheer (artikel 4:151 BW). Daartoe heeft hij zich ook in de tussen partijen gesloten vaststellingsovereenkomst van 21 mei 2014 verbonden. Tussen partijen is in geschil in hoeverre echtgenoot hieraan gevolg heeft gegeven.

De rechtbank constateert dat echtgenoot zowel in deze zaak als in een eerdere zaak een grote hoeveelheid stukken heeft overgelegd, waaronder de jaarstukken van de vennootschap, de aangiften voor inkomstenbelasting van zichzelf en erflaatster, overzichten van de beleggingsportefeuille van erflaatster van 2001 t/m 2013 en een boedelbeschrijving van de nalatenschap. Zonder nadere toelichting, die de advocaat van de kinderen niet gegeven heeft, valt niet in te zien welke bescheiden thans nog zouden ontbreken en dat de kinderen bij inzage daarvan ook voldoende belang heeft. Het enkele feit dat, volgens de kinderen, de door echtgenoot gegeven toelichting en de door hem opgestelde boedelbeschrijving niet zouden kloppen, is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende voor toewijzing van de gevorderde inzage in bescheiden. In zoverre zal de vordering worden afgewezen.

Heeft u vragen over het berekenen van een kindsdeel in een erfenis, het verstrekken van informatie over de omvang van een erfenis of het afleggen van rekening en verantwoording, belt u dan gerust met onze advocaat kindsdeel op 020-3980150.