De Rechtbank Noord-Holland heeft op 21 januari 2021 uitspraak gedaan over de vraag of er beheersmaatregelen geboden waren ter behoud van een woning uit de nalatenschap.

Uit het Centraal Testamentenregister blijkt dat erflater geen testament heeft opgemaakt.

Uit een erfgenamenonderzoek blijkt dat de vier partijen in deze procedure kinderen zijn van erflater.

Die vier kinderen zijn ook zijn erfgenamen.

Verzoeker heeft de nalatenschap zuiver aanvaard.

Belanghebbende heeft de nalatenschap beneficiair aanvaard.

De verweerder en de overige belanghebbende hebben hun keuze over de verwerping of aanvaarding van de nalatenschap nog niet gemaakt.

Verzoeker verzoekt de kantonrechter om op grond van artikel 4:191 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW) maatregelen te treffen tot het behoud van de goederen van erflater in Nederland, met dien verstande dat de woning kan worden verkocht en overgedragen aan een derde door de in het verzoekschrift genoemde makelaar opdracht daartoe te geven en de verkoopopbrengst in depot wordt gestort op een derdengeldenrekening van WFO Netwerk Notarissen.

Verzoeker legt aan het verzoek kort gezegd het volgende ten grondslag.

Hij wenst de woning, die behoort tot de nalatenschap van erflater, te verkopen en leveren.

De woning staat vanaf het overlijden van erflater leeg. De huisoppas is geëmigreerd naar Australië.

Verzoeker woont niet in Nederland en is niet in de gelegenheid de woning te beheren.

De energie- en waterkosten lopen door. De woning verpaupert en het gevaar voor lekkage, inbraak en dergelijke neemt toe.

Verzoeker wenst voor de verkoop opdracht te geven aan B Makelaars en Taxateurs te E.

De verkoopopbrengst wenst hij in depot te laten storten op de derdengeldenrekening van WFO Netwerk Notarissen te E.

Verweerder geeft aan niet tegen mogelijke verkoop van de woning te zijn, maar voert – kort gezegd – aan dat verkoop momenteel prematuur is gelet op het volgende.

 Voordat de woning kan worden verkocht moet er een verklaring van erfrecht worden opgemaakt.

Daaruit moet blijken wie de officiële erfgenamen zijn.

Verweerder en de overige belanghebbende kunnen hun keuze voor het accepteren of verwerpen van de nalatenschap pas maken als zij weten wat de omvang is van de nalatenschap.

Zij hebben hier vragen over gesteld, maar de notaris en verzoeker hebben hier niet op gereageerd.

 Voordat de woning wordt verkocht moet er een boedelbeschrijving opgemaakt worden waaruit de omvang van de nalatenschap blijkt.

Hierbij moet blijken welke activa en passiva (zowel in Nederland als daarbuiten) tot de nalatenschap van erflater behoren.

Ook moet duidelijk worden wat er gebeurd is met het onroerend goed van erflater in Groot-Brittannië en zijn erfdeel uit de nalatenschap van zijn zus.

Het staat overigens niet vast dat erflater samen met mevrouw X eigenaar was van bepaalde goederen (de woning en saldi op bankrekeningen).

De kosten van het beheer van de woning zijn onvoldoende reden om tot verkoop over te gaan.

Bovendien is onbekend wat de hoogte van deze kosten is. Ook is onbekend of er nog inboedel aanwezig is in de woning. Daarnaast is niet onderbouwd wat de staat van de woning is.

Verzoeker reageert – kort gezegd – als volgt op het verweer van verweerder.

Er is nog geen verklaring van erfrecht, omdat verweerder en overige belanghebbende de benodigde documenten hiervoor nog niet hebben aangeleverd aan de notaris.

Als belanghebbende en verweerder hun keuze hebben gemaakt met betrekking tot verwerping of aanvaarding van de nalatenschap, kan de woning verkocht worden en kan tot verdeling van de nalatenschap worden overgegaan.

 Dat tot de goederen van erflater tijdens zijn leven mogelijk onroerend goed in Groot-Brittannië en een erfdeel van zijn zus behoorde, houdt geen verband met deze zaak.

De bankrekeningen van erflater in Nederland en Spanje staan op naam van hem en zijn partner, X.

De schulden met betrekking tot de kosten van de woning zijn sinds het overlijden van erflater opgelopen, omdat deze niet betaald kunnen worden.

De diensten waarvoor betaald moet worden kunnen ook niet opgezegd worden. Ook zijn er notariële en andere juridische kosten gemaakt. Die kosten blijven oplopen, omdat verweerder en de overige belanghebbende niet meewerken aan de vereffening van de nalatenschap. De woning wordt verwaarloosd en dat kan problemen veroorzaken bij de buren. Doordat de woning onbeheerd is, zou er ook ingebroken kunnen worden. De woning moet verkocht worden, zodat met de verkoopopbrengst de schulden van de nalatenschap voldaan kunnen worden.

Erfrecht. Beheersmaatregelen. Keuze tot verwerping of aanvaarding van nalatenschap nog niet gemaakt. Verkoop van een woning. Behoud van een goed uit de nalatenschap.

De rechter oordeelt als volgt.

Op grond van artikel 4:191 lid 2 BW kan de kantonrechter de maatregelen voorschrijven die hij tot behoud van de goederen nodig acht, zolang de nalatenschap niet door alle erfgenamen is aanvaard.

Omdat belanghebbende en verweerder hun keuze over de verwerping of aanvaarding van de nalatenschap nog niet hebben gemaakt, is voldaan aan het vereiste uit artikel 4:191 lid 2 BW dat de nalatenschap niet door alle erfgenamen is aanvaard.

De kantonrechter is van oordeel dat verzoeker onterecht om beheersmaatregelen heeft verzocht.

De erfgenamen zijn namelijk wel bekend, maar hebben alleen hun keuze over de verwerping of aanvaarding van de nalatenschap nog niet gemaakt.

Weliswaar kan daardoor momenteel geen verklaring van erfrecht worden afgegeven, maar dat zou wel kunnen als aan de overige belanghebbende en verweerder een termijn wordt gegeven om te aanvaarden of te verwerpen.

Ook staat niet vast dat verkoop van de woning nodig is voor het behoud van dit goed.

Verzoeker heeft namelijk niet onderbouwd (ook niet in zijn nadere reactie) wat de staat is van de woning en welke kosten er momenteel gemaakt worden voor behoud van de woning.

Ook heeft verzoeker niet duidelijk gemaakt wat de omvang is van de nalatenschap (goederen en schulden), terwijl uit die omvang zou kunnen blijken wat de waarde van de woning is en de hoogte van kosten zijn en hoe deze zich verhouden tot de gehele nalatenschap.

De verkoop van een woning behorende tot een nalatenschap is bovendien ingrijpend en niet terug te draaien.

Daarom moet terughoudend worden omgegaan met dergelijke verzoeken tot verkoop.

De noodzaak van verkoop van de woning en de spoedeisendheid hiervan zijn, gelet op de gemotiveerde betwisting van verweerder, onvoldoende onderbouwd door verzoeker.

De conclusie is dat de kantonrechter het verzoek zal afwijzen.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat kindsdeel over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over de verkoop van onroerend goed uit een nalatenschap, belt u dan gerust onze advocaat kindsdeel op 020-3980150.

Wilt u meer weten over het kindsdeel, bezoek dan onze website over het kindsdeel. Klik dan hier.