Door onze advocaat kindsdeel. Soms is het een interessante vraag tot wanneer een kindsdeel kan worden opgeëist. De Rechtbank Noord-Nederland heeft hier op 3 augustus 2016 een uitspraak over gedaan in een zaak waarbij de dochter van haar overleden vader het kindsdeel uit haar moeders nalatenschap opeist. Na het overlijden van moeder is vader ongehuwd gaan samenwonen en in het testament van moeder was bepaald dat het kindsdeel opeisbaar zou worden in het geval dat vader overlijdt of ongehuwd gaat samenwonen. De dochter eist het kindsdeel echter pas op nadat vader is overleden en toen al meer dan 20 jaar samenwoonde na het overlijden van moeder. De Rechtbank zegt daarover het volgende:

“Op grond van artikel 3:306 BW verjaart een vordering als de onderhavige door verloop van twintig jaren, nu de wet ten aanzien hiervan (het kindsdeel) niet anders bepaalt. Deze verjaringstermijn is op grond van artikel 3:313 BW gaan lopen vanaf het moment waarop de vordering opeisbaar is geworden.

Gelet op de in het testament opgenomen opeisingsgronden zal moeten worden uitgegaan van het moment dat erflater en gedaagde zijn gaan samenwonen.”

De Rechtbank heeft allereerst bepaald dat gezien de opgenomen bedingen in het testament het kindsdeel van de dochter opeisbaar is geworden op het moment dat vader ging samenwonen. Verder bepaalde de Rechtbank dat het kindsdeel met een verloop van twintig jaar verjaart vanaf het moment dat de vordering opeisbaar wordt. Het is dus zaak om goed naar de bedingen in het testament te kijken en scherp te zijn op de (verjarings-)termijnen. Onze advocaat kindsdeel kan u bijstaan bij het vaststellen van de datum van opeisbaarheid en in het proces van het opeisen van het kindsdeel.

Bel onze advocaat kindsdeel indien u vragen heeft over het kindsdeel  op 020-3980150 of stel uw vraag geheel vrijblijvend hier.