De Rechtbank Rotterdam heeft enige tijd geleden uitspraak gedaan over de vraag of

de auto’s van erflater geheel tot de nalatenschap behoorden of dat deze tot het eigendom behoorden van de onderneming die hij met zijn zoons voerde?

Behoorde de auto’s van erflater geheel tot de nalatenschap of waren deze in eigendom van de onderneming die hij met zijn zoons voerde?

De rechter oordeelt als volgt.

Tussen partijen is in geschil de vraag of de auto’s onderdeel uitmaken van de nalatenschap van erflater.

De bezitter van een goed wordt vermoed rechthebbende te zijn (art. 3:119 lid 1 BW).

Erflater was bezitter van de collectie auto’s nu deze zich op het terrein bij zijn woning bevond en hij die auto’s hobbymatig gebruikte.

Dit bezit blijkt ook uit het feit dat erflater in privé autoverzekeringen voor al die auto’s had afgesloten, hetgeen de executeur gemotiveerd heeft gesteld en niet is weersproken.

Ingevolge de Wegenverkeerswet is iedereen die in het bezit is van een motorrijtuig, verplicht deze minimaal WA te verzekeren.

De erfgenaam heeft het hiervoor omschreven wettelijke vermoeden niet weerlegd terwijl dit wel op zijn weg had gelegen.

Dat de kentekens van de auto’s vermeld op de aan de dagvaarding gehechte lijst op naam stonden van de onderneming en dat de onderneming voor die auto’s bestemde onderdelen heeft betaald, is daartoe onvoldoende in het licht van de locatie waar de auto’s vermeld op de aan de dagvaarding gehechte lijst tezamen met de rest van de oldtimer-collectie van erflater stonden opgeslagen, het feit dat erflater die auto’s in privé had verzekerd en erflater samen met de partner gebruik maakte van die auto’s, zoals blijkt uit de door de partner overgelegde logboeken.

De erfgenaam heeft verder gesteld dat de eigendom van de auto’s vermeld op de aan de dagvaarding gehechte lijst op enig moment door erflater is overgedragen aan de onderneming door inbreng, echter deze stelling is door hem niet onderbouwd.

Dit terwijl de executeur deze stelling van de erfgenaam gemotiveerd heeft betwist onder verwijzing naar onder meer jaarrekeningen van de onderneming, zodat niet is komen vast te staan dat erflater de auto’s aan onderneming heeft geleverd.

Het vorenstaande brengt met zich dat de vordering van de executeur tot afgifte van de bescheiden waarmee de tenaamstelling bij de RDW van de auto’s vermeld op de aan de dagvaarding gehechte lijst kan worden gewijzigd, zal worden toegewezen voor zover dit de onderneming betreft, met maximering van de dwangsom als na te melden.

Immers, de betreffende kentekens staan op naam van de onderneming en niet op naam van de gedaagden, die vanzelfsprekend als directeuren van de onderneming uitvoering dienen te geven aan de veroordeling.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat kindsdeel over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over de goederen van de nalatenschap, belt u dan gerust onze advocaat kindsdeel op 020-3980150.

Wilt u meer weten over het kindsdeel, bezoek dan onze website over het kindsdeel. Klik dan hier.