De Rechtbank Rotterdam heeft enige tijd geleden uitspraak gedaan over de vraag of de erfgenaam zuiver heeft aanvaard. Heeft de erfgenaam beschikt over de goederen van de nalatenschap als heer en meester?

De vraag dient te worden beantwoord of gedaagde de nalatenschap van erflaatster al dan niet beneficiair heeft aanvaard.

Gedaagde heeft op 22 juni 2018 een verklaring van beneficiaire aanvaarding afgelegd en is bij akte nalatenschap, opgemaakt op 10 juli 2018, vastgelegd dat de nalatenschap van erflaatster door gedaagde aanvaard wordt onder het voorrecht van boedelbeschrijving. Op 13 juli 2018 is de beneficiaire aanvaarding ingeschreven in het boedelregister.

Volgens eiseressen heeft gedaagde zich hieraan voorafgaand echter ondubbelzinnig en zonder voorbehoud als een zuiver aanvaard hebbende erfgenaam gedragen.

Gedaagde heeft namelijk direct na overlijden van erflaatster en zonder eerst een boedelbeschrijving te maken, goederen van de nalatenschap te koop aangeboden onder meer op marktplaats.nl.

Door het verkopen van goederen uit de nalatenschap kan volgens eiseressen worden afgeleid dat gedaagde de nalatenschap zuiver heeft aanvaard.

Zij betwisten dat gedaagde in haar hoedanigheid van executeur zou hebben gehandeld, er was door haar nog geen boedelbeschrijving opgesteld.

Gedaagde heeft dit betwist.

Van gedragingen in de zin van artikel 4:192 BW is geen sprake geweest.

Alle inboedelzaken zijn ter behoud opgeslagen.

Ten aanzien van de goederen waarvan eiseressen stelt dat die goederen op het overzicht ontbreken, voert gedaagde als verweer aan dat deze goederen al geen eigendom meer van erflaatster waren en dus ook niet in de nalatenschap vallen.

Enkel ter bepaling van de waarde van een aantal inboedelgoederen heeft zij, als executeur van de nalatenschap, advertenties geplaatst, maar de goederen zijn niet verkocht, hetgeen blijkt uit het overzicht van de opgeslagen goederen.

Beneficiaire aanvaarding. Gedraging van zuivere aanvaarding? Heeft de erfgenaam beschikt over de goederen van de nalatenschap als heer en meester? Beheer van inboedel.

De rechter oordeelt als volgt.

Ten aanzien van de bepaling in artikel 4:192 BW wordt er in de parlementaire geschiedenis (MvA II, Parl.Gesch. Vaststellingswet Boek 4 BW, p.933-934) op gewezen dat van zuivere aanvaarding geen sprake is indien de erfgenaam daden van beheer verricht.

Van zuivere aanvaarding is wel sprake indien de erfgenaam over de goederen van de nalatenschap als heer en meester beschikt of wanneer hij, eventueel in een andere vorm dan een verklaring ter griffie, duidelijk aan de schuldeisers van de nalatenschap doet blijken dat hij de schulden van de nalatenschap geheel voor zijn rekening neemt.

Of uit de gedragingen van een erfgenaam de bedoeling kan worden afgeleid de nalatenschap zuiver te aanvaarden, hangt af van de omstandigheden van het geval.

Gelet op de stellingen van partijen en de overgelegde producties, is de rechtbank, evenals de voorzieningenrechter in de tussen partijen gevoerde kort gedingprocedure bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant, van oordeel dat gedaagde voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de inboedelgoederen zijn opgeslagen en dat de overige door eiseressen genoemde goederen al geen eigendom meer van erflaatster waren en dus ook niet in de nalatenschap vallen.

Aan de hand van de hiervoor genoemde maatstaf en gelet op de omstandigheden wordt geoordeeld dat het opslaan van de inboedelgoederen heeft te gelden als beheren en niet als beschikken, zodat van een zuivere aanvaarding in de zin van artikel 4:192 lid 1 BW geen sprake is.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat kindsdeel over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over zuivere of beneficiaire aanvaarding, belt u dan gerust onze advocaat kindsdeel op 020-3980150.

Wilt u meer weten over het kindsdeel, bezoek dan onze website over het kindsdeel. Klik dan hier.