De Rechtbank Noord-Holland heeft op 28 juli 2021 uitspraak gedaan over de waardering van een woning uit een nalatenschap.
Deze zaak gaat over de afwikkeling van een nalatenschap en een legaat dat een (inmiddels overleden) man bij testament aan zijn echtgenote – de stiefmoeder van zijn kinderen – heeft toegekend.
De stiefmoeder en de kinderen verschillen van mening over de omvang van het legaat.
De rechtbank beslist over de geschilpunten en over de standpunten over en weer met betrekking tot de verschillende vermogensbestanddelen van de nalatenschap.
Erfrecht. Afwikkeling van een nalatenschap. Waardering woning. Peildatum waardering. Beoordeling van door partijen in het geding gebrachte taxatierapporten.
De rechter oordeelt als volgt.
Partijen zijn het erover eens dat de peildatum voor de waardebepaling van de woning de datum van overlijden van erflater is, te weten 12 augustus 2014.
Partijen zijn echter verdeeld over de waardering van de woning.
Gedaagde stelt zich aan de hand van een in zijn opdracht opgesteld taxatierapport van 29 november 2018 op het standpunt dat de waarde van de woning op 12 augustus 2014 € 275.000,00 bedroeg.
Eiseres was in eerste instantie van mening dat een waarde van € 286.897,00 als uitgangspunt moest worden genomen.
Die waarde was gebaseerd op een berekening via een zogenaamde taxatie tool.
Kort voor de mondelinge behandeling heeft eiseres haar standpunt aangepast.
Onder verwijzing naar een door haar in het geding gebracht taxatierapport van 5 maart 2021 stelt zij nu dat de woning op de peildatum een marktwaarde van € 295.000,00 had.
De rechtbank stelt vast dat het verschil in de getaxeerde waarden niet zo groot is dat zij een nieuwe taxatie door een beëdigd taxateur nodig acht om te kunnen bepalen voor welke waarde de woning in de nalatenschap betrokken moet worden.
Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de peildatum in een ver verleden ligt, zodat enige mate van verschil in de waardebepaling door verschillende taxateurs onontkoombaar is.
De rechtbank ziet aanleiding voor de woning een bedrag van € 280.000,00 aan te houden als waarde die in de nalatenschap betrokken moet worden.
Daarbij heeft de rechtbank enig gewicht toegekend aan de twee taxaties/waardebepalingen die door eiseres in het geding zijn gebracht, maar minder dan aan het door gedaagden in het geding gebrachte taxatierapport.
Dat is immers een gevalideerd rapport waarin de bevindingen van een lokale taxateur, die de woning ook inpandig heeft geïnspecteerd, zijn neergelegd.
Het beperkte gewicht dat de rechtbank toekent aan de door eiseres overgelegde rapporten komt tot uitdrukking in de iets hogere waarde van de woning die in de nalatenschap heeft te gelden dan door gedaagden is gesteld.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat kindsdeel over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over de waardebepaling van onroerend goed in het erfrecht, belt u dan gerust onze advocaat kindsdeel op 020-3980150.
Wilt u meer weten over het kindsdeel, bezoek dan onze website over het kindsdeel. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.