De Rechtbank Gelderland heeft op 4 juli 2022 uitspraak gedaan in kort geding over een vordering tot afgifte van stukken door een notaris voor de vaststelling van een legaat.

Eiseres heeft voldoende spoedeisend belang bij de vordering tot het verkrijgen van, kort gezegd, de gespreksnotities van de gesprekken die de gedaagde als notaris in april en mei 2018 met erflaatster heeft gevoerd, de aan het testament van 29 mei 2018 voorafgegane concepttestamenten, de eerdere testamenten van erflaatster uit 2012 en 2015 en de gevorderde verklaring van de gedaagde over de inhoud van de gesprekken die hij in april en mei 2018 met erflaatster heeft gevoerd, hierna kortheidshalve aan te duiden als ‘de gevorderde stukken’.

De inhoud daarvan kan van belang zijn voor het vervolg van de bodemprocedure tussen eiseres en de erfgenamen, in welke procedure in augustus 2022 een mondelinge behandeling is gepland.

Erfrecht. Kort geding. Afgifte van een legaat. Vordering van legataris tegen notaris. Vordering tot afgifte van stukken voor de vaststelling van het legaat. Geheimhoudingsplicht. Belangenafweging. Proceskosten.

De rechter oordeelt als volgt.

De gedaagde als notaris moet in beginsel geheimhouding betrachten met betrekking tot hetgeen hem in zijn hoedanigheid van gedaagde is toevertrouwd.

Daartoe behoren alle stukken waarvan eiseres nu afgifte vordert.

Desondanks kan hij gehouden zijn de stukken te verstrekken als het belang van, in dit geval eiseres, nog zwaarder weegt dan het belang van de gedaagde bij geheimhouding.

De voorzieningenrechter komt tot het voorlopig oordeel dat ten aanzien van de gevorderde stukken, inclusief de inhoud van de gevorderde, door de gedaagde af te leggen verklaring, het belang van eiseres bij afgifte zoveel zwaarder weegt dan het belang dat deze stukken en de inhoud van een door hem op te stellen verklaring vertrouwelijk blijven, dat de gedaagde deze stukken, inclusief bedoelde verklaring aan eiseres zal moeten verschaffen.

Uit deze stukken kan immers blijken dat ondanks het mankement in de totstandkoming van het testament van erflaatster van 29 mei 2018, het daarin opgenomen legaat wel in overeenstemming is met een mogelijk toen al langer bestaande wil van erflaatster.

Eiseres heeft er belang bij dat in de bodemprocedure tegen de erfgenamen naar voren te kunnen brengen en te kunnen onderbouwen.

Het voorgaande leidt ertoe dat de vordering – zoals hierna omschreven – zal worden toegewezen, omdat de stukken vanwege het procesreglement uiterlijk op 24 juli 2022 aan de rechtbank moeten worden toegezonden.

De gedaagde zal uiterlijk op 12 juli 2022 aan dit vonnis moeten voldoen.

De door eiseres gevorderde dwangsom wordt afgewezen, omdat de gedaagde heeft verklaard een veroordeling te zullen nakomen.

De gedaagde betoogt dat hij niet in de proceskosten zou moeten worden veroordeeld omdat hij als gedaagde slechts tot afgifte zou kunnen overgaan nadat hij daartoe door de rechter is veroordeeld.

De voorzieningenrechter heeft er begrip voor dat de gedaagde niet (vrijwillig) tot de gevorderde afgifte is overgegaan.

Dat de gedaagde het op een procedure heeft moeten laten aankomen, kan eiseres echter niet worden tegengeworpen.

De gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld.

De kosten aan de zijde van eiseres worden begroot op € 1.332,00 (griffierecht € 676,00 en salaris advocaat € 656,00).

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat kindsdeel over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over de afgifte van een legaat, belt u dan gerust onze advocaat kindsdeel op 020-3980150.

Wilt u meer weten over het kindsdeel, bezoek dan onze website over het kindsdeel. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.