De Rechtbank Noord-Holland heeft onlangs uitspraak gedaan over een processueel ondeelbare rechtsverhouding na beneficiaire aanvaarding van een nalatenschap.
Eiser, gedaagde en erfgenaam 1 en erfgenaam 2 zijn de kinderen van vader en erflaatster.
Vader en moeder waren getrouwd.
Dat huwelijk is geëindigd door het overlijden van vader op 7 mei 2003.
De nalatenschap van vader is verdeeld door middel van een ouderlijke boedelverdeling
Tussen partijen is niet in geschil dat uit de voorlopige boedelbeschrijving van de executeurs, die de executeurs in deze procedure hebben overgelegd, volgt dat de goederen van de nalatenschap van erflaatster niet ruimschoots toereikend zijn om alle schulden van de nalatenschap te voldoen.
Ook zijn partijen het erover eens dat dit betekent dat de nalatenschap vereffend moet worden en de taak van de executeurs is geëindigd.
Volgens de executeurs had eiser daarom niet hen, maar de erfgenamen (vereffenaars) in deze procedure moeten betrekken, wat eiser niet heeft weersproken.
Hoewel eiser volgens de executeurs dus in zijn vordering niet-ontvankelijk zou moeten worden verklaard of zijn vordering zou moeten worden afgewezen, onderkennen de executeurs dat, om de nalatenschap van erflaatster te kunnen afwikkelen, een beslissing over de vordering van eiser nodig is.
Daarom vordert gedaagde als erfgenaam/vereffenaar dat eiser (en subsidiair zijzelf) op de voet van artikel 118 Rv in de gelegenheid wordt gesteld om de erfgenamen/vereffenaars van de nalatenschap van erflaatster in deze procedure (in conventie en in reconventie) te betrekken.
Gedaagde wijst er in dit verband op dat de woning in de nalatenschap valt en dat de erfgenamen in een processueel ondeelbare rechtsverhouding tot elkaar staan.
.Ook eiser staat een praktische en proceseconomische aanpak voor door alle erfgenamen/vereffenaars in de nalatenschap van erflaatster in deze gerechtelijke procedure te betrekken.
Eiser refereert zich aan het oordeel van de rechtbank en heeft er kennelijk dus ook geen bezwaar tegen dat gedaagde niet als executeur maar als erfgenaam/vereffenaar de incidentele en reconventionele vorderingen instelt.
Erfrecht. Ouderlijke boedelverdeling. Executele. Vereffening. Hoedanigheid. Processueel ondeelbare rechtsverhouding. Proceseconomische overwegingen. Ontvankelijkheid. Oproeping.
De rechter overweegt als volgt.
De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 10 maart 2017 (HR:2017:411) uitgemaakt dat iedere partij in een procedure over een processueel ondeelbare rechtsverhouding het recht heeft jegens alle andere bij die rechtsverhouding betrokken partijen een beslissing daarover te vorderen.
Dit ongeacht wie de procedure heeft aangespannen en ongeacht tegen wie de bij dagvaarding ingestelde vordering zich richt.
Dit heeft onder meer tot gevolg, aldus de Hoge Raad, dat een vordering in reconventie ook kan worden ingesteld tegen een ander dan degene die de vordering in conventie heeft ingesteld.
Dit is dus een uitzondering op de in artikel 136 Rv neergelegde regel dat de eis in reconventie slechts kan worden ingesteld tegen de eiser in conventie.
De vorderingen in de hoofdzaak betreffen de nalatenschap van erflaatster.
Daarmee gaat het om een processueel ondeelbare rechtsverhouding.
Gelet op het belang bij een uitspraak waaraan alle deelgenoten (de erfgenamen) zijn gebonden, hadden alle erfgenamen/vereffenaars bij de procedure betrokken moeten worden.
De rechtbank zal de incidentele vordering van gedaagde dan ook toewijzen in die zin dat aan eiser de gelegenheid zal worden geboden om de erfgenamen in hoedanigheid van erfgenaam en vereffenaar als (mede)gedaagden in (re)conventie op te roepen op de voet van artikel 118 Rv.
De rechtbank ziet niet dat ook eiser en gedaagde zouden moeten worden opgeroepen.
Eiser en gedaagde zijn het er immers inmiddels over eens dat zij in de hoofdzaak dienen te worden aangemerkt als erfgenaam/vereffenaar en dus in die hoedanigheid reeds als partij in de hoofdzaak procederen.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat kindsdeel over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat kindsdeel op 020-3980150.
Wilt u meer weten over het kindsdeel, bezoek dan onze website over het kindsdeel. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.